Opinie – Vroeger jaagden onze voorouders op dieren om te overleven. Ze aten het vlees en gebruikten de huiden voor kleren. Dat is nu heel anders. In onze consumentenindustrie ‘produceren’ wij vlees alsof het de normaalste zaak is. Volgens cijfers van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (VN) werd er in 2014 wereldwijd 317,85 miljoen ton vlees geproduceerd. Ik kan mij daar niet eens iets concreets bijvoorstellen, kan u dat wel? Al dat vlees belandt in de supermarkt, op de markt, in het restaurant of bij de keurslager. We aten in 2015 in een jaar gemiddeld 39 kilo vlees per persoon blijkt uit cijfers van de Universiteit van Wageningen. Maar wat zijn de gevolgen van vlees eten voor u en de wereld? Heb je wel zoveel vlees nodig? En wat zijn de alternatieven?

Ten eerste zouden we volgens het Voedingscentrum niet meer dan 500 gram vlees per week moeten eten. Voor 2015 zou dat betekenen dat we maximaal 26 kilo zouden mogen eten in plaats van de al genoemde 39 kilo. We eten dus te veel vlees. Het Voedingscentrum geeft aan dat het eten van meer plantaardige voeding en minder vlees of een vegetarisch voedingspatroon gezondheidsvoordelen geeft. Het verlaagt je bloeddruk en verkleint het risico op hart- en vaatziekten.
Een tweede punt is de CO2-uitstoot ten gevolge van de vleesindustrie. In april werd een rapport van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) uitgebracht waarin staat dat de veehouderij in Nederland verantwoordelijk is voor zo’n 10 procent van de totale Nederlandse uitstoot van broeikasgassen. Volgens cijfers van de VN is de wereldwijde veehouderij verantwoordelijk voor 14,5 procent van alle uitstoot van broeikasgassen. Dat is evenveel als de wereldwijde uitstoot van de transportsector.
Ongeveer een derde van alle landbouwgrond op aarde wordt gebruikt om veevoer te produceren. De wereldbevolking blijft toenemen en daarbij zullen landen als China, meer vlees gaan eten naarmate ze rijker worden. Als ik het zobekijk dan hebbenwe een extra planeet nodig om dit probleem op te lossen als we op deze voet verder gaan.
Dit zijn wat feiten die een beeld geven van de impact van de vleesindustrie op de wereld en dus ook op jou.

Goed, het is dus niet gezond om te veel vlees te halen, of in elk geval gezonder om minder vlees en meer plantaardig voedsel te eten. De vleesindustrie draagt ook niet zo’n beetje bij aan de CO2 uitstoot. Dit zorgt vervolgens weer voor de opwarming van de aarde. Gezondheid en klimaat zijn belangrijk, maar daarnaast is het ook nog eens zo dat al deze dieren sterven voor jouw, misschien wel dagelijkse stukje vlees.
Er worden volgens cijfers van het CBS in maart 2018 31.910 schapenlammeren, 5.221.1500 vleeskuikens en 152.800 kalveren geslacht. Bij de kinderboerderij zijn deze dieren heel leuk, maar in de avond eet jij misschien wel een ontzettend lekkere lamskotelet, kipnugget of kalfskarbonade. En dan hebben die dieren op de kinderboerderij mooi leven als je het vergelijkt met de dieren in de bio-industrieflats, of ook wel ‘vleesfabrieken’ genoemd.
In de supermarkt is het zo makkelijk kiezen, maar als je er over nadenkt is dit contrastmisschien toch wel een beetje gek.

“Maar het is zo lekker”, hoor je mensen vaak zeggen. Ik kan me daar wel een beetje in vinden. Ik vind het ook erg lekker, maar tegelijkertijd denk ik dat deze redenering ook een teken is van een tekort aan creativiteit en doorzettingsvermogen. Er zijn zo veel lekkere gerechten waar geen vlees in zit. Zeker in deze tijd, waarin je naar mijn idee om de 10 facebookfilmpjes op jouw tijdlijn een filmpje met eten ziet verschijnen. En als je dan niet op facebook zit, dan is er altijd nog de grootste informatiebron ter wereld: Google, die inmiddels ook nog eens in je broekzak zit. Ik wil u niet persoonlijk aanvallen, maar ik wil wel duidelijk maken dat ik het geen excuus vind om simpelweg met het zinnetje “Het is te lekker” het hele dilemma van u af te schuiven.

Om niet te negatief te eindigen kan ik u wel vertellen dat ik denk dat er hoop is. De afgelopen jaren zijn er grote sprongen gemaakt in de ontwikkeling van kweekvlees. Voor de mensen die het niet kennen een kleine uitleg: kweekvlees is vlees dat niet verkregen wordt door het slachten van een dier, maar door bepaalde cellen van bijvoorbeeld een koe (die kan blijven leven) af te nemen en in een gecontroleerd milieu te houden in het laboratorium. De cellen delen zich en door de toegediende voedingsstoffenworden in bepaalde ‘steigers’ (vormpjes) geplaatst waardoor ze uitgroeien tot het stukje vleesdat u kent. Het is een enorm complex proces, maar door veel investeringen van rijke mensen kon het gerealiseerd worden. Vijf jaar geleden was een kweekvleeshamburger nog 200 duizend euro. Het onderzoek is nu ongeveer zover dat een gehaktbal ongeveer 1000 euro kost, maar het kweekvlees zal de komende tijdsteeds goedkoper en beter van kwaliteit worden. In 2011 rekende de universiteit van Oxford uit dat de milieu-impact voor de kweekvleesproductie een stuk kleiner is en tot 45 procent minder energie nodig vraagt dan conventioneel vlees. Er is bij de productie 96 procent minder water en 99 procent minder landbouwgrond nodig.

Als dit soort initiatieven verder ontwikkeld worden, dan worden ze goedkoper en commercieel aantrekkelijk. Dit kan een groot en belangrijk verschil maken in de toekomst. Maar het zou nog meer opleveren als je in plaats van elke dag, een of twee keer per week vlees zou eten. Dan draag je in belangrijke mate bij aan je eigen gezondheid, het klimaat en aan het welzijn / geluk van die schattigedartelende lammetjes in de wei elke lente.